|
Herdenkingsdienst |
![]() Pastoor Nies van Lier |
Heibloem
Palmzondag Ter
nagedachtenis aan Nicky Verstappen Lezingen: Jesaja 50, 4-7; Evangelie: Lucas 10, 30-37 (De barmhartige Samaritaan) |
Geachte dorpsgenoten, Dikwijls herdenken we in de mis een overledene bij gelegenheid van zijn verjaardag. Meestal betreft het oudere mensen. Vandaag herdenken wij Nicky Verstappen die op donderdag 13 maart 21 jaar zou zijn geworden. |
|
Vragen over en aan de dood krijgen geen antwoord. “Waarom” is een vraag die we beter niet stellen. Wel weten we dat er nog vragen tussen ons hangen die we graag beantwoord zouden hebben. Vragen die geleidelijk een antwoord krijgen als we ons laten raken door de afbeelding van de twee handen die de aardbol vasthouden. Zij staan voor barmhartigheid, een gebaar dat onverschilligheid te boven gaat, dat spreekt van bij elkaar gehouden worden, van verder gedragen worden tot waar het veilig is en waar we tegen elkaar kunnen lachen: meedogen-zegen-vreugde. |
|
|
Vandaag is het Palmzondag. Het is gebruikelijk het verhaal te horen van Jezus’ lijden en dood: verraad, verloochening, bloedende handen aan het kruis en een afschuwelijke dood. Maar voor dat verhaal hoeven we geen 2000 jaar terug te gaan. Als we naar het nieuws kijken en luisteren en de krant goed lezen, dan zien we dat dat lijden van Jezus zich dagelijks op veel grotere schaal afspeelt, niet met spijkers maar met zelfmoord aanslagen, met koele berekening en het opruimen van kleine mensen die, zoals Jezus toen, ook nu niet in het systeem passen. Onverschilligheid en economische belangen horen bij de martelwerktuigen. Ik hoef maar wat te lezen van Amnesty International en ik lees het lijdensverhaal. En nooit wordt iemand beter van andermans lijden en dood. De eerste lezing is me heel dierbaar omdat ze me herinnert aan mijn opa, “vader Nies” zoals hij werd genoemd, die de eerste was die me vertelde over Jezus, dat ze hem de baard uitrukten en hem bespuwden en dood maakten op het kruis. Hij en ik hadden toen geen vermoeden dat het er nog altijd zo aan toe ging en nog veel erger. In plaats van het lijdensverhaal heb ik de parabel van de barmhartige Samaritaan voorgelezen. Barmhartig is een heel oud woord uit de vroege Middeleeuwen dat we het beste uitleggen met de spreuk: “Wat gij wilt dat anderen aan u doen, doe dat ook aan hen.” Het is barmhartigheid die we aan het werk zien als we kijken naar de afbeelding van de handen die de aardbol omvatten. Dàt zijn de handen van de barmhartige Samaritaan. Juist zoals er vandaag ontelbare mensen zijn met bloedende handen en harten, zo mogen we daartegenover denken aan de handen van vaders en moeders, pleegmoeders, geliefden, dokters, verpleegkundigen, ontelbare die mantelzorg geven om niet, politiemannen en -vrouwen die je uit de sloot halen, enz., allemaal mensen die ons heil doen toekomen en iets van vreugde in ons achter laten. Juist zoals de barmhartige Samaritaan met zijn handen deed. Zij kunnen geen dood, rampen als aardbevingen, tsunamis, aanslagen voorkomen. Maar hun barmhartigheid houdt de aarde in haar baan: die handen brengen mensen thuis, houden ons vast en brengen ons verder. En als ze dat niet kunnen “dan bezweren ze wat niet tegen te houden is en niet te beschermen is, dan zijn zij de weerloze handen die zich zo ver mogelijk uitstrekken in de onmetelijke niet af te schermen ruimte en dan neerdalen op een dierbaar hoofd om daarin de warmte van een vurige wens over te dragen. Dan roepen zij woorden op die van heel ver worden gehaald om aan die wens kracht bij te zetten.” Aldus Cornelis Verhoeven. Die handen wensen ons een gunst, zij zeggen ons iets goed toe, zij laten genegenheid voelen, dat is: zij zegenen ons: zij wensen ons heil, zij zeggen: “Je mag er zijn, wat fijn dat je er bent.” Die handen “knuffelen” om het heel gewoon en onbijbels te zeggen. En vreugde is dan het deel van wie knuffelt èn van wie geknuffeld wordt. Dàt is verlossing, dàt is verrijzenis: uitkomen bij vreugde. Niets meer en
niets minder. |
![]() |
Monument ter
nagedachtenis aan Nicky Verstappen voor het kerkje in Heibloem (Limburg) De pastoor houdt zowat in zijn eentje de herinnering aan Nicky levend in Heibloem. Het kleine monumentje voor de jongen, dat van de burgemeester niet op gemeentegrond mocht staan omdat het zijn dorpsbewoners zou storen, kreeg een plaatsje voor de deur van de kerk. En tweemaal per jaar herdenkt hij de jongen tijdens de mis. ,,Mijn broer en zus zijn mij nochtans al komen vragen daar nu eindelijk eens mee te stoppen. Er sterven in elke familie mensen , was hun argument.'' |
|
|